Stof tot nadenken

Vandaag was ik nog even bij Polare in Arnhem. Ik verkeerde in de naïeve veronderstelling dat ik daar misschien nog wel een papieren agenda van 2014, die ik plotseling nodig meende te hebben, zou kunnen krijgen. Maar ja, het was de laatste dag of in elk geval een van de laatste dagen van de volledige leegverkoop van de vestiging in het oude postkantoor. Voor €10,- kon je een plastic tas kopen die je mocht vullen met boeken. Het was onthutsend, ontluisterend: dat enorme pand met allemaal lege boekenkasten langs de muren. Hier en daar lag nog een stapeltje of een doos: boekenafval. Dit is mijn vak, en zo staat het ervoor, dacht ik. Ik kon wel huilen. In plaats daarvan maakte ik me uit de voeten, zonder plastic tas en zonder agenda.

Woensdag was de uitverkoop begonnen met 50% korting op alles. Toen zag het er nog uit als een boekhandel: displaytafels vol met boeken, en de kasten nog behoorlijk gevuld. Het enige uitzonderlijke waren de lange rijen voor de kassa en de stapels boeken die mensen afrekenden. Alleen het vinden van boeken, dat was niet meer mogelijk, zo leerde navraag mij. Het redactieboek dat ik zocht zou er kunnen zijn tussen al die boeken, maar misschien ook niet. Ik had geen zin om te zoeken en maakte een halfslachtig rondje door het ‘De Slegte-deel’ van de winkel, vooral omdat het daar niet zo druk was.

Toevallig werd mijn aandacht getrokken door een bordje aan een van de boekenplanken: Dialecten van het Nederlands / Fries / Zuid-Afrikaans. Juist ja. Eén plank met een aantal Zuid-Afrikaanse en nog veel minder Friese boeken. Er was al wat in gerommeld, en mijn oog viel op een omgevallen dik boek dat zo te zien op een dunner boekje was gevallen. Uit nieuwsgierigheid en ordeningsdrift lichtte ik het dikke boek op en daaronder lag de schat: een prachtig ingebonden dichtbundel met grijs linnen kaft en zilveren letters, met gesneden pagina’s van zwaar papier en in het colofon onder meer de tekst:

Wetter, wurdt jin leard troch toarst waard yn

oktober 1999 set út’e Dante en printe op

Hahnemühle Ingres troch De Uitvreter.

De oplaach bedraacht 85 nûmere eksim-

plaren. Dy mei nûmers 1 – 50 waarden

bûn troch Herman van der Kruijk.

Wat ik in mijn handen had was nummer 14 van een beperkte oplage van een door Klaas van der Hoek in het Fries vertaalde selectie gedichten van Emily Dickinson. Het voelde als een klein wonder, zomaar op een voor het boekenvak treurige woensdag in Arnhem.

Het linnen van het omslag leek sprekend op de stof van het designer jurkje dat ik die ochtend naar Estrella had gebracht: een winkel waar je onder andere je kleding kunt laten verkopen. Het leek me een goede ruil: zo’n mooie dichtbundel tegen een jurkje. Heel even maar vroeg ik me af wat ik zou hebben gevonden als ik mijn cocktailjurk van blauwe tafzijde of mijn zwarte jurk met witte noppen zou hebben weggebracht.